Kinder- en jeugdpsychiatrie

Voor kinderen en jongeren van 0 tot 18 jaar

Rogier: “Het belangrijkste is dat ik weer naar school ga. Dan heb ik tenminste iets te doen. In de gesprekken met mijn behandelaar en in de groepstherapie leer ik minder heftig te reageren. Daardoor heb ik geen knallende ruzies meer met mijn ouders en mijn zusje. En mijn vrienden snappen nu gelukkig beter waarom ik soms rare dingen doe”.

Kinderen en jongeren van 0 tot 18 jaar kunnen bij Altrecht Kinder- en Jeugdpsychiatrie terecht wanneer zij last hebben van een psychiatrische aandoening die de huisarts, een andere medisch specialist of een psycholoog niet (meer) kan behandelen. Dat kunnen onder andere zijn:

  • ADHD met ingewikkelde gedragsproblemen (te snel boos en agressief)
  • Tics
  • Trauma (nare gevolgen van een ernstige gebeurtenis, zoals seksueel misbruik, mishandeling)
  • Angsten of paniekaanvallen (faalangst, straatvrees, sociale angst, fobieën)
  • Depressiviteit, somberheid of neerslachtige buien
  • Teveel energie, prikkelbaarheid en verminderde slaap (hypomanie)
  • Problemen na traumatische ervaringen (mishandeling, seksueel misbruik)
  • Zelfbeschadiging (krassen, snijden) (Video groepstherapie meiden 14-18 jaar)
  • Obsessies of dwangmatig gedrag
  • Problemen met het maken van contact en moeite hebben met veranderingen.

Waar staan wij voor?

Samen werken aan ontwikkeling en herstel, ook als dat ingewikkeld of zelfs onmogelijk lijkt. Dat is waar we voor staan. We vinden het belangrijk dat je veilig kunt opgroeien en dat het weer beter gaat met je. We onderzoeken eerst wat er met je aan de hand is (diagnose stellen). Daarna bepalen we in onderling overleg welke vorm van behandeling het beste past. Jij en je ouder(s) hebben daar zelf een grote stem in. Wij gaan tijdens de behandeling uit van het positieve en de dingen die goed gaan. Wij werken zoveel mogelijk samen met jou, je ouder(s) en eventueel andere gezinsleden. Dat kan door middel van ouderbegeleiding of gezinstherapie. Er kunnen ook al andere behandelaren bij jullie gezin betrokken zijn en je zit misschien op school. We werken met al die partijen samen om er voor te zorgen dat jij je zo goed mogelijk kunt ontwikkelen.

We willen er graag zo snel mogelijk bij zijn. Het liefst zodra psychiatrische ziekten worden vermoed. Juist daarom kunnen ook zwangere vrouwen met een psychiatrische ziekte en zeer jonge kinderen en hun ouders bij Altrecht Kinder- en Jeugdpsychiatrie terecht.

Goed om te weten:

Je bent aangemeld, en dan?

Na verwijzing onderzoeken we eerst samen met jou en je ouders/opvoeders wat er aan de hand is en waar je mee geholpen wilt en kunt worden. Als het nodig is overleggen we ook met de huisarts en degene die jou naar ons heeft verwezen. Dit kan een medisch specialist zijn, maar ook een buurt- en wijkteams van de gemeente. Het kan nodig zijn om verschillende onderzoeken te doen. Zoals een psychologisch onderzoek, een gezinsonderzoek en/of een onderzoek door onze kinderarts.
Daarna bespreken we wat onze conclusie is en welk behandelaanbod volgens ons het meest passend is. Wij vinden het van belang dat jij en je ouders zich herkennen in onze conclusie en het eens zijn met de behandeling die ingezet wordt bij Altrecht kinder- en jeugdpsychiatrie.
Als we denken dat een andere afdeling van Altrecht of een andere instelling beter kan helpen dan wij, dan bespreken we dat samen en zullen wij je doorverwijzen.

Er zijn verschillende behandelingen mogelijk: individueel, in groepen en/of met het gezin/opvoeders.

Poli Het jonge kind

Poli Het jonge kind is een nieuwe polikliniek waarin alle zorg in Altrecht voor 0 tot 6 jarigen is samengebracht.

Voor wie zijn we er?

Soms verloopt de ontwikkeling van je kind niet vanzelfsprekend. Er kunnen zorgen bestaan over de relatie met je (nog ongeboren) kind, bijvoorbeeld als gevolg van stressvolle gebeurtenissen of omdat je als ouder bijvoorbeeld last heb van somberheid.
Het kan ook zijn dat je je zorgen maakt, omdat je kind zich anders lijkt te ontwikkelen dan andere kinderen om je heen. Je zoon of dochter huilt bijvoorbeeld heel veel, is moeilijk te troosten, is snel van slag, is vaak lang boos of heel druk, heeft weinig belangstelling voor andere mensen, kan niet goed spelen of houdt te veel vast aan vaste patronen en rituelen. In die gevallen kun je terecht bij Poli Het jonge kind. Ook als je zwanger bent en behandeld wordt bij Altrecht, ben je welkom.

In de folder lees je meer over hoe een behandeling eruit ziet en welke vormen van behandeling er zijn.

Folder Poli Het jonge kind

Observatiebehandelgroep 0 - 6 jaar (o.a. Floorplay)

Poli Het jonge kind is een samenwerking tussen Altrecht Autisme en Altrecht Kinder- en Jeugdpsychiatrie. De poli is ontstaan uit het voormalige IMH Centrum Altrecht.

ADHD en gedragsstoornissen

Kinderen en jongeren van 4 – 18 jaar met ADHD, en gedragsstoornissen kunnen bij Altrecht kinder- en jeugdpsychiatrie terecht. Ook spelen andere psychiatrische stoornissen vaak een rol. Wij zijn eraan gewend om meerdere stoornissen tegelijkertijd te behandelen.

Ivo, 5 jaar

"Ivo wordt niet zo vaak uitgenodigd voor feestjes

Lees meer

Daardoor maken zij bijvoorbeeld vaak ruzie, luisteren niet goed, zijn heel erg druk of worden veel gepest. Sommigen kunnen zich op school niet goed concentreren, blijven te vaak zitten of gaan juist naar een school die voor hen te eenvoudig is. Anderen hebben zelfs problemen met de politie gehad, omdat ze stelen of liegen. Wij zijn er voor kinderen en jongeren die door hun gedrag problemen hebben met zichzelf, op school, met ouders en/of vrienden. Je komt in aanmerking voor diagnostiek en behandeling als je tussen de 4 en 18 jaar bent met een intelligentie vanaf ongeveer 80-85. Dat het  behandelaanbod bij jou past vinden we trouwens wel belangrijker dan de hoogte van je IQ.

Hieronder een overzicht van de behandelingen waarvoor je bij Altrecht kinder- en jeugdpsychiatrie terecht kunt. Voor een aantal behandelingen hebben we folders gemaakt die je hieronder kunt downloaden.

Folders voor behandelingen

Folders voor groepsbehandeling

3 – 8 jaar

8 – 12 jaar

12 – 18 jaar

12 – 18 jaar GRIP team

Voor de leeftijdsgroep 12 – 18 jaar biedt het GRIP team (GedragsRegulatie in de Intensieve Psychiatrie) op onze polikliniek een intensief programma voor jongeren met ODD, CD, gedragsstoornissen, ADHD en agressie regulatieproblematiek. Het programma wordt in overleg met de jongere en hun ouders/opvoeders samengesteld.

Depressieve stoornissen

Iedereen, ook een kind of een puber, maakt wel eens een periode mee waarin het minder goed gaat en de stemming zakt of de prikkelbaarheid toeneemt. Om te kunnen spreken van een depressie heb je een sombere, prikkelbare stemming en/of je hebt geen zin meer in leuke dingen. En dan niet zomaar een keer, maar gedurende de meeste uren van de dag en de meeste dagen van de week. En dat gevoel is langere tijd aanwezig. Met andere woorden: Je bent ‘ziek van somberheid’.

Hoe herken je een depressie bij kinderen en pubers?

Het is bij kinderen en pubers lastig om te zien of er sprake is van een depressie. Dat komt omdat de sombere stemming niet de hele tijd aanwezig hoeft te zijn. Een kind leeft bij afleiding vaak tijdelijk op, om daarna weer snel terug te zakken in somberheid of prikkelbaarheid. Dit maakt dat de omgeving vaak denkt dat het kind zich aanstelt. Ook zijn kinderen en pubers vaak meer prikkelbaar dan somber, wat maakt dat de diagnose gemist kan worden.

Waar kun je last van hebben bij een depressie:

  • Bijna de hele dag een somber gevoel hebben
  • Niet kunnen genieten van dingen waar je eerst wel blij van werd
  • Heel veel of heel weinig willen eten
  • Je waardeloos voelen
  • Je bent prikkelbaar
  • Je hebt geen of weinig zin in seks
  • Je kunt je slecht concentreren
  • Soms het gevoel hebben niet meer te willen leven
  • Je hebt vaak lichamelijke klachten
  • Niet goed kunnen slapen

Hoe ontstaat een depressie?

Een depressie krijg je niet zomaar. Vaak zijn er stressvolle situaties aan te wijzen in verschillende leefgebieden (school, thuis of met vrienden) die je niet kunt verwerken, zoals bijvoorbeeld: er zijn nare of verdrietige dingen gebeurd, het gaat niet goed op school, of je wordt gepest. Ook kan het zijn dat je veel ruzie hebt.

De kans op een depressie is hoger wanneer het in jouw familie voorkomt, of als je zelf al eerder een depressie hebt gehad.

Hoe weet je of je een depressie hebt?

Je merkt zelf dat je erg somber of prikkelbaar bent. Maar het kan ook zijn dat je ouders of leraren op school dat merken. Vaak zal je dan eerst naar een huisarts of schoolarts gaan. Als zij denken dat je misschien een depressie hebt word je doorgestuurd naar een psycholoog en/of een psychiater. Door gesprekken onderzoeken zij wat er aan de hand is en hoe je daarbij geholpen kan worden.

Gaat het over?

Een depressie gaat in principe weer over. Het kan wel zijn dat het soms in je leven weer terug komt. Je stopt pas met de behandeling wanneer je geleerd hebt hoe je om kunt gaan met stress en een (dreigende) terugval (terugval preventie).

Behandelmogelijkheden

Wat kun je zelf doen?

Intensieve behandeling (Activatie intensief)

Alles over medicijnen

Angststoornissen

Angst is een normale gezonde emotionele reactie op acuut gevaar. Het zorgt ervoor dat lichaam en geest snel en goed reageren op een bedreigende situatie. Ieder mens is in zijn leven wel eens bang of in paniek. Soms gaat de angst niet weg en je kunt dan letterlijk ziek zijn van angst.
Je spreekt pas van een angststoornis wanneer het slecht met je gaat omdat je zo bang bent, dat daardoor de normale dingen thuis, op school en onder vrienden niet meer durft te doen.
Het hoort bij angst dat je eindeloos piekert en bang bent voor dingen waar anderen niet bang voor zijn. Je haalt je dan dingen in je hoofd die niet reëel zij, bijvoorbeeld dat je nergens goed in bent. Tijdens de behandeling leer je om je angst te onderzoeken en je leert er mee om gaan.

Hoe ontstaat angst?

Een angststoornis ontstaat als iemand daar gevoelig voor is en te maken krijgt met stressvolle gebeurtenissen in het leven. Er is meestal niet maar één alles verklarende oorzaak voor de problemen. Daarom richt de behandeling zich op het één voor één ontrafelen van die verschillende oorzaken van de angstklachten. Deze pak je stap voor stap aan.

Hoe weet je of je een angststoornis hebt?

Het kan zijn dat je zelf merkt dat het slecht met je gaat  en dat je normale dingen thuis, op school of met vrienden niet meer kunt doen. Maar het kan ook zijn dat je ouders of leraren op school dat merken. Vaak zal je dan eerst naar een huisarts of schoolarts gaan. Als zij denken dat je misschien een angststoornis hebt, word je doorgestuurd naar een psycholoog en/of een psychiater. Door gesprekken onderzoeken zij waar je problemen vandaan komen en hoe je daarbij geholpen kunt worden.

Gaat het over?

Als een angststoornis tijdig herkend en erkend wordt, is deze meestal goed te behandelen. Er zijn verschillende soorten angsten en de één gaat makkelijker over dan de andere. Het blijft vaak een gevoelige plek, waar je echter goed mee kunt leren omgaan.

Behandelmogelijkheden

Intensieve behandeling (Activatie intensief)

Alles over medicijnen

Dwangstoornissen

Iedereen kijkt wel eens of de deur goed op slot zit. Maar als je hier iedere dag mee bezig bent en daardoor je normale leven thuis, op school en onder vrienden belemmerd wordt, kun je een dwangstoornis hebben.

Wat is een dwangstoornis?

Je kunt het gevoel hebben dat je iets elke keer opnieuw moet doen. Vaak komt dit omdat je bang bent dat er anders iets naars gebeurt. Zo kun je bang zijn dat je ziek wordt of dat er een ongeluk gebeurt. Je bent daar de hele dag mee bezig. Vaak weet je dat het niet echt zal gebeuren, maar je blijft er steeds weer aan denken of hebt het gevoel dat je iets moet doen. Een ander woord voor dwangstoornis is Obsessieve-Compulsieve Stoornis. Afgekort: OCS.

Voorbeelden

Je bent bijvoorbeeld bang zijn dat er iets ergs gebeurt wanneer je bepaalde dingen niet doet. Je moet van jezelf vijf keer het licht aan en uit doen, anders denk je dat er iets gebeurt met je ouders. Terwijl je eigenlijk wel weet dat dit niet zo is. Dit heet een dwanggedachte en een dwanghandeling.

Andere voorbeelden zijn: Handen wassen, de deur steeds open en dicht willen doen, dingen steeds opnieuw tellen en dingen aan moeten raken.

Hoe ontstaat een dwangstoornis?

Het is niet helemaal duidelijk hoe een dwangstoornis ontstaat. Vaak, maar zeker niet altijd, spelen erfelijke factoren een rol. (Erfelijkheid betekent dat als één van je ouders en broers of zussen het hebben er een grotere kans is dat jij het ook krijgt.)

Hoe weet je of je een dwangstoornis hebt?

Het kan zijn dat je zelf merkt dat het slecht met je gaat en dat je normale dingen thuis, op school of met vrienden niet meer kunt doen. Maar het kan ook zijn dat je ouders of leraren op school dat merken. Vaak zal je dan eerst naar een huisarts of schoolarts gaan. Als zij denken dat je misschien een dwangstoornis hebt, word je doorgestuurd naar een psycholoog en/of een psychiater. Door gesprekken onderzoeken zij waar je problemen vandaan komen en hoe je daarbij geholpen kunt worden.

Gaat het over?

Het blijkt dat na één tot vijftien jaar 60% van de kinderen/jongeren met een dwangstoornis in meerdere of mindere mate baat heeft gehad van de behandeling. Met andere woorden:  een aantal kinderen/jongeren lijdt na behandeling nog steeds in een bepaalde mate aan de dwangstoornis. We streven natuurlijk altijd naar herstel; vaak blijft het wel een gevoelige plek.

Behandelmogelijkheden

Alles over medicijnen

Trauma

Iedereen maakt wel eens nare dingen mee en die verwerken we meestal gewoon zelf, zonder professionele hulp. Soms is wat je hebt meegemaakt voor jou zo erg, dat het je niet lukt om het zelf te verwerken. Je blijft dan klachten houden. Je hebt bijvoorbeeld een auto-ongeluk meegemaakt, je bent seksueel of geestelijk mishandeld of  je hebt geweld gezien.

Welke klachten horen erbij?

Algemene klachten zijn:

  • herbelevingen (soms in de vorm van nachtmerries) van de gebeurtenis;
  • prikkelbaarheid en overdreven waakzaamheid;
  • het vermijden van dingen of plaatsen die doen denken aan de gebeurtenis;
Janna

"Gelukkig kan ik nu weer naar school...

Lees meer

Bij kinderen en jongeren zien we soms dat ze prikkelbaar en agressief zijn, of juist teruggetrokken en somber. Vaak vallen zij wat terug in hun ontwikkeling. Jonge kinderen gaan weer in hun broek plassen of gaan zich babyachtig gedragen, oudere kinderen worden bijvoorbeeld meer afhankelijk of angstig of gaan juist risicovol gedrag vertonen en de grenzen meer opzoeken. Ook zien we dat kinderen en jongeren zich minder goed kunnen concentreren op school en dat ze het moeilijk vinden om nieuwe dingen te leren. Zij klagen over een druk of vol hoofd en hebben vaak minder energie.

Door deze klachten functioneer je minder goed in het dagelijks leven.

Behandeling

Je kunt bij Altrecht Kinder- en Jeugdpsychiatrie terecht voor behandeling wanneer er sprake is van zeer ingrijpende gebeurtenis(sen) of je hebt een langere periode van onveiligheid meegemaakt. Denk daarbij aan bijvoorbeeld seksueel misbruik of huiselijk geweld. Kinderen en jongeren die één keer iets erg mee hebben gemaakt, zoals een auto-ongeluk kunnen terecht in het Wilhelmina Kinder Ziekenhuis in Utrecht.

Behandelmogelijkheden

Alles over medicijnen

Persoonlijksstoornissen

Dat de puberteit een onstuimige periode kan zijn, is bij de meeste ouders en jongeren bekend: je humeur kan alle kanten op gaan, je hebt misschien vaker ruzie met je ouders, omdat je allerlei dingen wilt uitproberen. Ook zijn er allerlei lichamelijke veranderingen.

De meeste pubers komen deze periode goed door. Maar er zijn ook jongeren die naast de gewone puberdingen, problemen ervaren die er lang zijn, niet vanzelf overgaan en zorgen dat een jongere zich niet goed kan ontwikkelen.

Stijl of stoornis

Er is een groot verschil tussen een persoonlijkheidsstijl en een persoonlijkheidsstoornis. De verschillende stijlen die mensen kunnen hebben, maken het leven juist kleurrijk. Soms kan een jongere door een bepaalde stijl niet goed functioneren en zich niet goed ontwikkelen. Dan ontstaan er zorgen of er niet sprake is van een bedreigde persoonlijkheidsontwikkeling en mogelijk zelfs van een persoonlijkheidsstoornis.

Persoonlijkheidsstoornissen

Als in de puberteit en adolescentie steeds meer langdurige problemen ontstaan, denken we ook aan een persoonlijkheidsstoornis. Meestal liep het voor de puberteit ook allemaal al niet zo soepel. Bij een persoonlijkheidsstoornis zijn er problemen, die invloed hebben op het functioneren thuis, op school en met vrienden en hobby’s of werk. Over een persoonlijkheidsstoornis wordt tegenwoordig anders gedacht dan een aantal jaren geleden. Toen dachten onderzoekers dat zo’n stoornis eigenlijk niet over kon gaan en dat je er pas van kon spreken als iemand ouder dan 18 is. Steeds meer onderzoekers komen erachter dat je de diagnose persoonlijkheidsstoornis ook bij jongeren kunt stellen en dat een persoonlijkheidsstoornis ook weer kan verdwijnen. En misschien nog wel sneller als je een goede behandeling krijgt.

Borderline

De persoonlijkheidsstoornis die wij het meeste zien en behandelen, is de borderline persoonlijkheidsstoornis.  Mensen met een borderline persoonlijkheidsstoornis denken vaak zwart-wit (iets is helemaal goed of helemaal slecht) en hebben vaak veel stemmingswisselingen (zie ook het verhaal van Janna hiernaast). Ze worden teleurgesteld door zichzelf en anderen. Vaak beschadigen zij zichzelf en doen soms zelfmoordpogingen. We noemen dit zelfdestructief gedrag. Je kunt hierbij ook denken aan teveel drinken, drugs gebruiken, seksueel risicovol gedrag of plotseling niet meer eten. Al deze zaken maken jongeren, ouders en soms behandelaren wanhopig.

Afhankelijke of vermijdende persoonlijkheidsstoornis

Behalve de borderline persoonlijkheidsstoornis (in ontwikkeling) zien we ook zich nog ontwikkelende persoonlijkheidsstoornissen met vooral afhankelijk of vermijdend gedrag.
Bij een afhankelijke persoonlijkheidsstoornis is iemand niet in staat om eigen beslissingen te nemen of verantwoordelijkheid te dragen, zonder de goedkeuring van belangrijke anderen. Zelf plannen maken en ook uitvoeren is heel erg moeilijk bij dit soort problematiek. Alleen zijn is erg moeilijk te verdragen. En in een relatie of vriendschap speelt de angst om verlaten te worden voortdurend een rol. Vaak gaat dit samen met vermijdend gedrag. De angst om niet aardig gevonden te worden of zelfs te worden afgewezen is dan zo groot, dat iemand nauwelijks meer contacten aangaat en zich terugtrekt uit het gewone leven.

Persoonlijkheidsstoornissen A Cluster

Jongeren met een zich ontwikkelende persoonlijkheidsstoornis hebben vaak bijzondere ideeën en fantasieën waardoor zij buiten de meeste groepen van leeftijdgenoten kunnen vallen. Zij zijn daarbij vaak ook heel gevoelig voor de reacties van anderen en kunnen zelfs achterdochtig worden. Jongeren met deze persoonlijkheidstrekken zijn meestal ook gevoelig voor stress. Als de stress oploopt, wordt het onderscheid tussen fantasie en werkelijkheid moeilijker.

Behandelmogelijkheden

Dialectische Gedragstherapie (DGT)

Intensieve behandeling (Stabilisatie intensief)

Alles over medicijnen

Voor wie?

In sommige gezinnen zijn er zoveel ingewikkelde problemen dat de opvoeding en de ontwikkeling van het kind of kinderen in gevaar kan zijn. Dat kan komen omdat een of meerdere gezinsleden psychiatrische problemen heeft of er een vermoeden daarvan bestaat. Deze gezinnen kunnen dan in aanmerking komen voor psychiatrische gezinsbehandeling. Psychiatrische gezinsbehandeling gebeurt alleen op vrijwillige basis. Uw gezin komt niet in aanmerking voor behandeling als er in uw gezin ernstige verslavingsproblemen voorkomen of wanneer u geen eigen huisvesting hebt. 

Behandeling

Voor uw gezin met de behandeling kan beginnen, is er eerst een gesprek met een behandelaar. Het intakegesprek. Ook andere personen uit uw omgeving mogen bij het eerste gesprek zijn. Zoals een familielid of uw huisarts. Kiest uw gezin voor psychiatrische gezinsbehandeling? Dan bespreken we samen aan welke problemen u iets wilt veranderen. Ook kijken we samen met u welke vorm van behandeling het beste bij uw gezin past. Na het intakegesprek komen wij met een voorstel een behandelprogramma. Dat kunnen zijn een poliklinische behandeling of Intensieve Psychiatrische Gezinshulp (IPG).
Als we denken dat een andere afdeling van Altrecht of een andere instelling beter kan helpen dan wij, dan bespreken we dat samen en zullen wij je doorverwijzen.

Behandelmogelijkheden voor gezinnen

 

Informatie voor verwijzers

Advies en consultatie

  • Voor advies en consultatie over zwangeren (die in behandeling zijn bij Altrecht) of over (zeer jonge) kinderen en jongeren van 0 – 18 jaar kunnen verwijzers contact opnemen Altrecht Entree: 030-230 8555 of entree@altrecht.nl.
  • Poli Het jonge kind biedt ook consultatie en scholing binnen en buiten Altrecht aan bijvoorbeeld consultatiebureaus en buurt- of wijkteams.

Zorgprogramma’s

Onderzoek naar leerstoornissen

Ouders kunnen niet bij Altrecht Kinder- en Jeugdpsychiatrie terecht voor onderzoek naar leerstoornissen, zoals dyslexie en dyscalculie. Dat is een taak van de school van het betreffende kind en kan worden uitgevoerd door de Schoolbegeleidingsdienst.

Wachttijden

Wachttijden in de zorg zijn altijd vervelend. Altrecht doet er alles aan om deze wachttijden zo kort mogelijk te houden. Op veel plekken lukt dat, op andere plekken zijn wachttijden helaas langer dan we graag zouden willen.

De zorg voor kinderen en jeugdigen onder de 18 jaar wordt vergoed door de gemeenten. De wachttijd is niet afhankelijk van de gemeente waar u woonachtig bent. Hier kunt u vinden met welke gemeenten Altrecht in 2016 een contract heeft afgesloten.

Verwijzers van patiënten die op onze wachtlijst staan, kunnen voor advies en/of consultatie contact opnemen met specialisten van Altrecht via het centrale aanmeldloket: 030 – 230 8555.

Natuurlijk is er bij acute psychiatrie geen sprake van wachttijd!

 

Aanmeldingswachttijd

Locatie  Aanmeldingswachttijd in weken
Poli Het jonge kind (0-6) 10
Polikliniek ADHD en gedragsstoornissen 6
Polikliniek Stemming en angst 16

Behandelingswachttijd

Diagnose Behandelingswachttijd in weken
ADHD en gedragsstoornissen  1
Stemmingsstoornissen en angststoornissen  1

Na de intakefase streven wij er naar de behandeling direct te starten. De wachttijden zijn een gemiddelde. Het kan zijn dat de werkelijke wachttijd korter is.

Deze informatie is voor het laatst bijgewerkt op 6 september 2017. De wachttijden zijn een gemiddelde. Het kan zijn dat de werkelijke wachttijd korter is. Dit is zeker het geval bij Poli Het jonge kind. 

Toelichting op de wachttijden

Aanmeldingswachttijd Dit is het aantal weken tussen het moment dat een patiënt of verwijzer een eerste afspraak maakt bij een zorgaanbieder voor een intakegesprek, tot het moment dat de patiënt hiervoor bij de zorgaanbieder terecht kan.

Behandelingswachttijd Dit is het aantal weken tussen de intake en de start van de behandeling.

Zorgbemiddeling Wanneer u de wachttijd te lang vindt, kunt u altijd contact met ons opnemen, of uw zorgverzekeraar vragen om wachtlijstbemiddeling. Uw zorgverzekeraar kan u ondersteunen, zodat u (eventueel bij een andere zorgaanbieder) binnen vier weken vanaf uw eerste contact met een zorgaanbieder een intake gesprek krijgt, en dat binnen tien weken vanaf de intake, de behandeling is gestart. Dit zijn de maximaal aanvaardbare wachttijden die door zorgaanbieders en zorgverzekeraars gezamenlijk zijn overeengekomen (de treeknormen).

 

Ziektebeelden bij deze zorgeenheid

    'tussen de oren', depressie, doodswens, somber, suïcidaal

    Ieder mens voelt zich wel eens somber of nergens zin in. Dat is heel normaal. Maar sommige mensen kunnen zich gedurende langere tijd zeer somber voelen en hebben nergens meer plezier in. Het kost hen veel moeite om de dagelijkse dingen te kunnen doen. En dan niet zomaar een keer, maar gedurende de meeste uren van de dag en de meeste dagen van de week. En dat gevoel is langere tijd aanwezig. Met andere woorden: Je bent ‘ziek van somberheid’. Een depressie kan het leven erg beïnvloeden. Het kan snel overgaan, maar soms lukt dit niet en is er hulp nodig.

    Daarnaast kunnen bij een depressie ook andere klachten een rol spelen:

    • U kunt zich minder goed concentreren.
    • U voelt zich heel traag en moe of juist rusteloos en snel geïrriteerd.
    • Het nemen van beslissingen kost meer moeite, ook al gaat het om iets eenvoudigs.
    • U voelt zich nutteloos, schuldig of overbodig.
    • U slaapt slecht of juist heel veel.
    • Het eten smaakt niet meer of u eet juist extra veel. Hierdoor valt u af of komt u juist aan in gewicht.
    • U ervaart het leven misschien als een te grote last en u verlangt soms zelfs naar de dood.

    Depressie bij kinderen en pubers

    Het is bij kinderen en pubers lastig om te zien of er sprake is van een depressie. Dat komt omdat de sombere stemming niet de hele tijd aanwezig hoeft te zijn. Een kind leeft bij afleiding vaak tijdelijk op, om daarna weer snel terug te zakken in somberheid of prikkelbaarheid. Dit maakt dat de omgeving vaak denkt dat het kind zich aanstelt. Ook zijn kinderen en pubers vaak meer prikkelbaar dan somber, wat maakt dat de diagnose gemist kan worden.

    Waar kun je last van hebben bij een depressie:

    • Bijna de hele dag een somber gevoel hebben
    • Niet kunnen genieten van dingen waar je eerst wel blij van werd
    • Heel veel of heel weinig willen eten
    • Je waardeloos voelen
    • Je bent prikkelbaar
    • Je hebt geen of weinig zin in seks
    • Je kunt je slecht concentreren
    • Soms het gevoel hebben niet meer te willen leven
    • Je hebt vaak lichamelijke klachten
    • Je kunt niet goed kunnen slapen

    Hoe ontstaat een depressie?

    Een depressie krijg je niet zomaar. Vaak zijn er stressvolle situaties aan te wijzen in verschillende leefgebieden (school, thuis of met vrienden) die je niet kunt verwerken, zoals bijvoorbeeld: er zijn nare of verdrietige dingen gebeurd, het gaat niet goed op school, of je wordt gepest. Ook kan het zijn dat je veel ruzie hebt.

    De kans op een depressie is hoger wanneer het in jouw familie voorkomt, of als je zelf al eerder een depressie hebt gehad.

    Hoe weet je of je een depressie hebt?

    Je merkt zelf dat je erg somber of prikkelbaar bent. Maar het kan ook zijn dat je ouders of leraren op school dat merken. Vaak zal je dan eerst naar een huisarts of schoolarts gaan. Als zij denken dat je misschien een depressie hebt word je doorgestuurd naar een psycholoog en/of een psychiater. Door gesprekken onderzoeken zij wat er aan de hand is en hoe je daarbij geholpen kan worden.

    Gaat het over?

    Een depressie gaat in principe weer over. Het kan wel zijn dat het soms in je leven weer terug komt. Je stopt pas met de behandeling wanneer je geleerd hebt hoe je om kunt gaan met stress en een (dreigende) terugval (terugval preventie).

    Brainwiki

    Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie

    aandachtsstoornis, ADD, ADHD, agressief gedrag, hyperactief

    ADHD is een afkorting voor Attention Deficit/Hyperactivity Disorder. In Nederland noemen we het aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit. Aandachtstekortstoornis wil niet zeggen dat ouders van kinderen met ADHD hun kind te weinig aandacht geven. We spreken van aandachtstekort omdat de kinderen zelf hun aandacht niet lang genoeg bij een taak kunnen houden.

    ADHD komt vaak voor in combinatie met andere stoornissen. Ongeveer de helft van de kinderen met ADHD vertoont ook ernstig opstandig gedrag, ongeveer 70% heeft leerproblemen en ook angststoornissen, somberheid, ticstoornissen en contactstoornissen komen vaker samen met ADHD voor. Deze problemen hebben niets te maken met de intelligentie of motivatie van de kinderen.

    ADHD kan al op jonge leeftijd aanwezig zijn. Bij een deel van de kinderen verdwijnen de klachten na de puberteit. Velen blijven echter als volwassene kenmerken van ADHD houden. ADHD kan er op verschillende leeftijden anders uitzien, ook omdat mensen in de loop der jaren leren hoe ze ermee om kunnen gaan.

    Kenmerken van ADHD

    • Aandachtsproblemen: kinderen met ADHD zijn snel afgeleid, vergeetachtig en willen van alles tegelijkertijd doen. Op school kunnen de kinderen zich moeilijk concentreren op hun werk. Aandachtsproblemen vallen vaak op omdat de kinderen slecht luisteren.
    • Hyperactiviteit: kinderen met ADHD zijn, vooral op jonge leeftijd, voortdurend in beweging en onrustig. Stil zitten en rustig blijven kost ze veel moeite. Als de kinderen ouder worden, slaat de hyperactiviteit vaak om in innerlijke onrust.
    • Impulsiviteit en omgang met anderen: kinderen met ADHD hebben moeite met controle over hun eigen gedrag (de ‘remfunctie’) en ze kunnen hun activiteiten niet goed organiseren. Ze weten niet goed hoe ze met andere kinderen moeten omgaan. Door hun impulsieve en drukke gedrag, stoten zij anderen onbedoeld af.
    • Motoriek en onhandigheid: kinderen met ADHD hebben vaak een onhandige motoriek. Dat is bijvoorbeeld te zien bij rennen of huppelen. Ook ‘fijnere’ handelingen, zoals schrijven, gaan vaak moeizaam.

    ADHD vaststellen

    Het is soms moeilijk om al in een heel vroeg stadium de kenmerken van ADHD te ontdekken, omdat deze kenmerken in bepaalde fasen in het leven bij ieder kind voorkomen. Jonge kinderen hebben bijvoorbeeld allemaal moeite om hun aandacht langere tijd bij één onderwerp te houden. Dit is een heel normaal verschijnsel en het heeft normaal gesproken niets met ADHD te maken.

    ADHD kan nog niet worden vastgesteld met een lichamelijk onderzoek of met het maken van een foto van de hersenen. Het wordt vastgesteld aan de hand van het gedrag van het kind. Om gegevens voor de diagnose te verzamelen heeft de hulpverlener gesprekken met het kind en de ouders. Ook wint de hulpverlener informatie in bij de leerkracht en observeert hij of zij het gedrag van het kind.

    Brainwiki

    Kenniscentrum Kinder- en jeugdpsychiatrie

    Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie

     

    dwanghandelingen, herhaling, steeds controleren

    Iedereen kent vaste gewoonten en routine handelingen. Zo controleren veel mensen het gas, licht en de sloten voordat ze naar bed gaan, terwijl ze eigenlijk weten dat het gas en licht uit zijn, en de deur op slot is. Zo’n extra controle geeft een gevoel van veiligheid in een situatie die risico met zich mee zou kunnen brengen. Als het risico groter wordt, bijvoorbeeld bij vertrek voor een vakantie van drie weken, controleren veel mensen hun huis extra goed. Soms rijdt iemand zelfs nog een keer terug om te zien of het gas echt uit is en de deur op het nachtslot. Dit soort herhalingsgedrag is normaal.

    Sommige mensen zijn een groot deel van de dag bezig met controleren, handen wassen of herhalen. Wanneer zij dat niet doen beheerst de angst en onveiligheid hun leven. We spreken dan van een dwangstoornis of obsessieve compulsieve stoornis.

    Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie

    Dwang EU

    Stichting Gilles de la Tourette

    angst, depressie, nachtmerries, posttraumatische stress, seksueel misbruik, trauma

    Trauma betekent eigenlijk: wond. Het is een emotionele beschadiging die is ontstaan na het meemaken van een schokkende gebeurtenis. Als het verwerken van een dergelijke gebeurtenis niet goed lukt, blijven er klachten bestaan die het dagelijks leven verstoren.

    Een gebeurtenis die een intens gevoel van machteloosheid oproept bij de persoon in kwestie noemen we traumatisch. Daarbij zorgt de gebeurtenis voor een acute verstoring in het leven. De normale loop van het bestaan wordt doorbroken. Had de persoon tot aan de gebeurtenis het vooruitzicht op een leven dat zich in een bepaalde lijn zou ontwikkelen, daarna ervaart hij of zij het leven als compleet veranderd.

    Er zijn heel veel gebeurtenissen die tot trauma’s kunnen leiden:

    • Acute, onverwachte schokkende gebeurtenissen, zoals een ernstig auto-ongeluk of brand, maar ook een scheiding.Er is sprake van een eenmalige traumatische ervaring die duidelijk is afgebakend.
    • Schokkende gebeurtenissen die veel langer achtereen optreden (bijvoorbeeld ernstige verwaarlozing, seksueel misbruik, huiselijk geweld of, bij vluchtelingen, oorlogsgeweld) en die zich kenmerken door permanente dreiging en zich herhalende schokkende ervaringen. Het gaat dan om herhaalde en vaak ook langdurige traumatisering.

    Voor het verwerken van een schokkende gebeurtenis is tijd nodig. Als die verwerking te lang duurt, of helemaal uitblijft, is er sprake van een trauma. Iemand kan dan niet meer normaal functioneren, bijvoorbeeld omdat hij probeert bepaalde alledaagse situaties te ontwijken.

    De verschijnselen van een trauma zijn divers. Mensen kunnen last hebben van nare gevoelens, nachtmerries en herbeleving van de traumatiserende gebeurtenis. Ook kan men lijden aan angsten, slaapstoornissen, geheugenverlies, gespannen zijn, prikkelbaar en boos zijn en depressieve gevoelens.

     

     

    borderline, persoonlijkheid, persoonlijkheidsstoornis

    We spreken van een persoonlijkheidsstoornis als iemands gedrag of persoonlijkheidskenmerken herhaaldelijk tot onoplosbare problemen leiden in relaties, op het werk of met familieleden.

    Iedere persoonlijkheidsstoornis is anders en de diagnose is niet altijd makkelijk te stellen. De meeste mensen bij wie een persoonlijkheidsstoornis vermoed wordt, vragen hulp vanwege de klachten die het gevolg zijn van hun problematiek. Die klachten zijn bijvoorbeeld depressies, angstklachten, relatieproblemen of identiteitsproblematiek.

    Ook aanhoudende lichamelijke klachten kunnen de reden zijn dat iemand hulp vraagt. Het is echter vaak de familie die aangeeft dat er hulp nodig is, omdat de persoon zelf juist op grond van de persoonlijkheidsproblematiek aarzeling en weerstand voelt om hulp te vragen.

    Er zijn verschillende typen persoonlijkheidsstoornissen met elk specifieke kenmerken en problemen. Het meest bekend is de borderlinepersoonlijkheidsstoornis. Uit het diagnostisch onderzoek zal blijken met welke problematiek iemand te maken heeft.

    Persoonlijkheidsstoornissen komen vaak in combinatie met andere psychische problemen voor als depressie, angststoornissen of verslavingsproblematiek.

    Kenniscentrum Persoonlijkheidsstoornissen

    Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie

     

    angst, angststoornis, depressie, emotieregulatie

    Angst- en stemmingsstoornissen vormen een grote groep psychiatrische ziekten die bij Altrecht Kinder-, Jeugd- en jongvolwassenenpsychiatrie wordt onderverdeeld in depressieve stoornissen, angststoornissen en emotieregulatiestoornissen.

    Depressieve stoornissen

    Iedereen, ook een kind of een puber, maakt wel eens een periode mee waarin het minder goed gaat en de stemming zakt of de prikkelbaarheid toeneemt. Om te kunnen spreken van een depressie heb je een sombere, prikkelbare stemming en/of je hebt geen zin meer in leuke dingen. En dan niet zomaar een keer, maar gedurende de meeste uren van de dag en de meeste dagen van de week. En dat gevoel is langere tijd aanwezig. Met andere woorden: Je bent ‘ziek van somberheid’.

    Wat de diagnose bij kinderen en pubers lastig maakt is dat de gedaalde stemming niet voortdurend aanwezig hoeft te zijn. Een kind leeft bij afleiding vaak tijdelijk op, om daarna weer snel terug te zakken in somberheid of prikkelbaarheid. Dit maakt dat de omgeving vaak denkt dat het kind zich aanstelt. Ook zijn kinderen en pubers vaak meer prikkelbaar dan somber, wat maakt dat de diagnose gemist kan worden.

    Bij adolescenten kan het gaan om depressieve gevoelens, een bedrukte stemming, stemmingsschommelingen, suïcidaliteit, eigenwaardeproblemen en misbruik van alcohol of drugs.

    Angststoornissen

    Angst is een normale gezonde emotionele reactie op acuut gevaar. Het zorgt ervoor dat lichaam en geest snel en goed reageren op een bedreigende situatie. Ieder mens is in zijn leven wel eens bang of in paniek. Soms gaat de angst niet weg en je kunt dan letterlijk ziek zijn van angst.

    Sommige mensen zijn voortdurend angstig of hebben paniekaanvallen. Iemand die in het (recente) verleden getuige of slachtoffer is geweest van geweld of zich als kind ernstig bedreigd heeft gevoeld, kan terugkerende angstaanvallen hebben.

    Je spreekt pas van een angststoornis wanneer het slecht met je gaat omdat je zo bang bent, dat daardoor je normale leven thuis, op school en onder vrienden belemmerd wordt.

    Emotieregulatiestoornissen

    Emotieregulatiestoornis is de term die wordt gebruikt als een kind of jongere ernstige problemen heeft bij het omgaan met emoties.

    De verschijnselen bij een emotieregulatiestoornis zijn heel verschillend. Er is een gemeenschappelijk kenmerk dat er langdurig, onaangepaste patronen zijn van voelen, denken en handelen, die zich uiten bij het aangaan van relaties, op het werk en op school.

    Een emotieregulatiestoornis kan zich op heel veel manieren uiten:

    •  snel wisselende stemming met een bozige, ontevreden en verwijtende ondertoon
    • de neiging om de eigen gedachten, overtuigingen en gedragingen af te kraken;
    • zelfbeschadiging, onrealistische hoge eisen aan zichzelf stellen, intense schaamte, zelfhaat en op zichzelf gerichte woede;
    • niet alleen kunnen zijn.

    Er kan ook sprake zijn van hallucinaties en paranoïde ervaringen. Deze zijn van korte duur en komen vooral voor tijdens stressvolle situaties.

    Brainwiki

    Kenniscentrum Kinder- en jeugdpsychiatrie

     

     

Medewerkers

Lilian van der Spek

Behandelmedewerker

Jaël den Bok

Gezinstherapeut

Ruth de Boer

GZ-psycholoog

Nicole Dijkman

GZ-psycholoog

Cathelijne Lont

GZ-psycholoog

Contact

Locaties
  • Kinder- en jeugdpsychiatrie, Utrecht

Nieuwe Houtenseweg 2
3524 SH Utrecht
030-2809311

Route en 9292 Reisadvies