“Gelukkig kan ik wel weer elke dag naar school en vrienden zonder telkens ruzie te krijgen!”

Janna klopt aan bij het traumateam van Altrecht Kinder- en jeugdpsychiatrie als ze 16 jaar is. Ze kijkt dan al terug op een kindertijd met veel problemen: slecht slapen, moeite met eten en een regelmatig terugkerende heftige – en onbegrijpelijke – boosheid.

Janna: “Sinds ik op de middelbare school zit, is het helemaal erg. Ik ben het ene moment heel blij, het volgende zó boos dat ik heel agressief ben, maar soms ook zó verdrietig, dat ik me afzonder en met niemand wil praten.” Ieder negatief oordeel, iedere negatieve uitspraak van een ander kan voor Janna de aanleiding voor dat ellendige gevoel zijn.

Janna ondervindt ook grote problemen met vriendschappen; het lukt haar niet een vriendschap met iemand op te bouwen, omdat ze bij ieder meningsverschil het gevoel krijgt in de steek gelaten te worden. “Ik denk vaak dat ik beter dood kan zijn en dan straf ik mezelf door met een scheermesje in mijn onderarmen te snijden. Dan is mijn pijnlijke arm even erger dan de geestelijke pijn en het verdriet.”

Ook in het contact met jongens ondervindt Janna problemen: ze heeft moeite met het bewaken van haar eigen grenzen, overschrijdt ze, wat dan weer een schuldgevoel geeft.

Een behandelaar van Altrecht Kinder- en jeugdpsychiatrie constateert bij Janna een borderline persoonlijkheidsstoornis. We gaan met Janna een intensief ambulant behandeltraject in, met het doel haar zelfdestructief gedrag te verminderen, het algemeen functioneren te verbeteren en opname te voorkomen. We gebruiken daarvoor de dialectische gedragstherapie (DGT), een combinatie van individuele psychotherapie, een vaardigheidstraining, telefonische consultatie en voor noodgevallen een ‘bed op recept’ (BOR). Janna heeft zichzelf nu, na een half jaar, beter onder controle: ze kan zichzelf toestaan gevoelens te hebben zonder die weg te drukken met snijden of te gaan schreeuwen.

Janna: “Met hulp van mijn therapeut heb ik geleerd beter voor mezelf te zorgen en handige oplossingen te kiezen voor lastige problemen of emoties. Ik mocht mijn therapeut altijd bellen als ik de neiging had een onhandige oplossing te kiezen. Daardoor heb ik geleerd wat voor mij wél werkt en wat niet. Ik heb nog veel te leren, daarom blijf ik voorlopig nog individuele therapie volgen. Gelukkig kan ik wel weer elke dag naar school en vrienden zonder telkens ruzie te krijgen of mezelf te beschadigen!”