Dat is geen aardige vraag. En het is ook nog eens een vraag waarin de scepsis duidelijk naar voren komt. Het was niet zo dat mijn hulpvraag niet serieus genomen werd, gelukkig. Maar tijdens de dagen dat mijn opname geregeld moest worden en de vier weken dat ik daadwerkelijk was opgenomen heb ik voortdurend de druk van me moeten verantwoorden ervaren. Wat doe je hier? Opgenomen ok, maar waarom op een gesloten afdeling?
Aan mijn hulpvraag waren een paar hobbels verbonden. De eerste daarvan was om een gesloten opnameafdeling te overtuigen van de noodzaak om mij op te nemen. Daar ging Altrecht in de weg zitten. Ik was niet urgent genoeg, vormde geen direct gevaar. Alle bedden zouden bezet zijn, maar ik kon wel op een wachtlijst van enkele weken komen. Een tweede reden was dat ik volgens de nieuwste protocollen van Altrecht per sé in mijn eerste verzorgingsgebied opgenomen moest worden. Ik wilde het liefste in hetzelfde gebouw als het Autismeteam opgenomen worden, in Nieuwegein, juist vanwege de complexiteit van autisme en van mijn situatie, zodat goed en direct overleg tussen afdeling en team plaats kon vinden. Maar dit mocht niet. Het moest Utrecht worden, en geen Nieuwegein. Regel is regel… Het telde niet dat het Autismeteam een meer bovenregionale functie heeft, en dus een cliëntenbestand waarvan het gros van buiten Nieuwegein komt. Ook niet dat autisme op zichzelf een specifieke benadering vraagt. Mijn behandelaar is toen uitgeweken naar een PAAZ in de stad. Daar kon ik meteen terecht. Hobbel 1 was genomen.
Eenmaal opgenomen doemde hobbel 2 al op. Want hoe serieus ik ook genomen werd, ik voelde de vraag ‘wat doe je hier?’. Al in mijn eerste week werd er druk op me uitgeoefend om naar de open afdeling te gaan. Ze vonden dat ik daar beter paste. Eigenlijk was ik niet ernstig genoeg voor de gesloten afdeling. Dat begreep ik wel door hun bril, maar ik wist dat de gesloten afdeling echt beter voor me zou zijn. Gelukkig kon ik op papier duidelijk maken waarom dit zo was en mocht ik blijven. Hobbel 2 gelukt zou je zeggen, ware het niet dat na 1,5 week de afdeling mijn bed nodig had. Wanneer een spoedopname kwam, was ik het minst urgent. Ik had uiteindelijk geen andere keuze dan akkoord te gaan met een overplaatsing naar een besloten afdeling als ze mijn bed nodig zouden hebben. Zo gebeurde het ook. Deze hobbel kon ik niet nemen.
Een vierde hobbel was een uitdaging gedurende de hele opname. Twee keer per dag had ik een gesprek met een verpleegkundige om te praten over wat ik die dag ging doen en hoe het met mij ging. Zo heb ik in die 4 weken heel wat verpleegkundigen gesproken. Het gros was in eerste instantie onwennig richting mij, in wat ze voor me konden betekenen. Ik was ook een vreemde eend in de bijt daar, helder van geest, gezond voorkomen, en dat te midden van medecliënten die psychotisch, manisch of suïcidaal waren. Ik voelde de druk van me moeten verklaren waarom ik er wilde zitten. In het contact met sommige verpleegkundigen lag de ‘wat doe je hier?’-vraag er voelbaar bovenop, maar gelukkig deden de meesten duidelijk hun best, dachten met me mee, toonden waar mogelijk begrip en stonden ook open voor waar ik mee zat en hoe het autisme bij mij werkt. Dat vond ik erg fijn. En ik voelde ook dat de contacten beter verliepen naarmate ze merkten dat ik echt profiteerde van de opname. Dat de gesloten setting me blijkbaar goed deed. Hoe vreemd en ongewoon het ook leek.
Een hobbelig pad dus, de weg naar de opname en het op de bestemming zijn. Ik heb het echt heel vervelend gevonden dat er hobbels kwamen die mij niet ten goede kwamen, die eigenlijk mijn herstel in de weg stonden of vertraagden. Dat maakte me een beetje boos, op Altrecht en op de PAAZ, maar ik weet zelf maar al te goed wat er achter zit. Autisme bij normaal en hoger intelligente volwassenen is nog een miskend kindje, en de zorgverlening is nog verre van uitgekristalliseerd. Zo zijn er helemaal geen opnameplaatsen voor mensen met autisme, alleen voor de standaard psychiatrische ziektebeelden. En autisme is veel meer dan een psychiatrische verstoring. Autismeteams hebben nu geen andere keuze dan hun cliënten in geval van crises op te laten nemen op normale psychiatrische afdelingen, waar autisme een ongewoon ‘klinisch beeld’ is. Voor verpleegkundig personeel is dat ook lastig schakelen in de begeleiding. Hoe meer de cliënt met autisme last heeft van een ‘normaal’ psychiatrische ziektebeeld zoals een psychose of depressie, hoe beter de match tussen cliënt en opnameafdeling.
Specifieke opnameplaatsen zijn een must voor de toekomst. Dat is alleen maar goed voor de zorg aan mensen met autisme. Dan gaat het zowel om de bepaalde autisme-vriendelijke rust en structuur van een afdeling, als om de afstemming tussen opnameafdeling en autismeteam. En zolang die specifieke opnameplaatsen er nog niet zijn, hoop ik dat Altrecht zijn opname-protocollen wat minder rigide volgt. Want vanuit zijn kernwaarden heeft Altrecht toch als uitgangspunt ‘dat mensen de zorg moeten krijgen die ze op dat moment nodig hebben’? Dat is zorg op maat, niet de protocollaire tunnelvisie.
Wereldmeisje


