In deze blog wil ik wat nader stilstaan bij de contactgerichtheid van autisten en hun contact met de ander. Want hoewel het een misvatting is om te denken dat autisten niet op contact gericht zijn, en dit niet zouden willen, toch laten autisten dergelijke bewegingen zien. Wat zit daar achter?
Door ‘contact’ te voorzien van een vraag- plus uitroepteken wordt al aangegeven dat contact niet vanzelfsprekend is. Ik weet uit eigen ervaring dat dit ook klopt. Het contact tussen autist en niet-autist loopt anders, en afhankelijk van de omstandigheden trekt de autist zich in meerdere of mindere mate terug. Ik krijg zelf steeds meer het idee dat de belangrijkste oorzaken terug te voeren zijn op overprikkeling van de zintuigen en op het gebruik van taal. Dat laatste kan wellicht breder getrokken worden naar ‘communicatiemedium’, dus dat middel dat voornamelijk voor de communicatie gebruikt wordt.
Naar mijn idee trekt een autist zich terug uit contact zodra er te veel informatie via de zintuigen binnen komt, en zijn vermogen tot taal (of een ander communicatiemedium) tekort schiet om de ontstane overprikkeling beheersbaar te houden. Er ontstaat als het ware een niet te hanteren discrepantie. Terugtrekken uit het contact is dan noodzakelijk. De toevoer van informatie kan zo beperkt worden, waardoor ruimte kan ontstaan om (via de taal) grip op de ervaring te krijgen. Na deze noodzakelijke hersteltijd kan een autist zich weer meer op het contact richten. De discrepantie kan zich echter in een mum van tijd weer herhalen.
Dit bovenstaande wil ik graag illustreren. Een maand geleden had ik heel erg de neiging om me terug te trekken. Ik voelde nauwelijks nog de behoefte om contact te hebben met anderen, zelfs niet met mijn partner en een hele goede vriendin. Dat riep bij hen het gevoel op dat ik niet van ze hield, het contact niet belangrijk genoeg vond en ze er wel en alleen mochten zijn als mijn planning dat toeliet. Het was voor hen niet te volgen waarom ik niet juist hun steun nodig had, en hen niet vroeg om mee te denken. Zie daar het ontstaan van misverstanden. Zie daar de indruk ontstaan dat autisten anderen instrumentalistisch gebruiken, autisten anderen als ‘voorwerp’ zien. Een ellendige situatie ontstaat, waarin autist en niet-autist lijden. En dit verergert naarmate de niet-autist meer druk op de autist legt.
Wat mijn terugtrekken betreft: ik had er gewoonweg geen ruimte meer voor. Het paste niet meer in mijn systeem om ook nog contact met anderen te hebben: hun energie te ervaren, verhalen te horen, mee te denken, ervaringen uit te wisselen en ga zo maar door. Het was een groot moeten geworden dat ik ‘niet meer aan kon’. Dat had niets van doen met dat ik niet van mijn naasten hield, het contact met hen niet belangrijk genoeg vond, en ik een egocentrische leefwereld voorsta waarin iedereen zich zo mag bewegen zoals ik dat wil. Ik houd juist zielsveel van mijn naasten, en ben hen dankbaar voor wie ze zijn en voor hun steun.
Hoe dit terugtrekken van mij dan kwam?
Mijn systeem was over- en overbomvol. Ik sliep niet goed waardoor mijn dagen in mijn beleving rommelig verliepen, en ik weinig houvast ervoer. Ik was in een chronische staat van ernstig overprikkeld zijn, en in een dergelijke staat past geen nieuwe informatie meer. In het zo overprikkeld zijn, kon ik ook onvoldoende beroep doen op taal. Ik kon me moeilijker mondeling uitdrukken, en ik had nauwelijks taal om mijn innerlijke ervaring te benoemen. Daardoor voelde het nog meer zo als dat ik overspoeld werd, en elke vorm van nieuwe informatie uit mijn omgeving, dat via de zintuigen naar binnen komt, kwam onbenoemd mijn systeem binnen. Ik kon mijzelf niet meer bijbenen.
In mijn vorige blog deed ik niet zonder reden de suggestie om autisme (ook?) als een zintuiglijke integratiestoornis te zien. Het is vanwege de problemen in het contact als gevolg van de vele informatie dat via de zintuigen als vloedgolven de hersenen binnen komen en het onvermogen om dit via de taal in goede banen te leiden, dat een autist zich terugtrekt uit contact. Niet omdat de autist de ander niet belangrijk genoeg vindt.
Wereldmeisje


