Angst- en stemmingsstoornissen vormen een grote groep psychiatrische stoornissen die bij Altrecht Kind, Jeugd & Gezin worden onderverdeeld in Depressieve stoornissen, Angststoornissen en Emotieregulatiestoornissen.
Depressieve stoornissen. Depressieve, sombere gevoelens komen bij alle kinderen en jongeren wel eens voor. Als de klachten ernstig zijn en vaak voorkomen spreken we over een stoornis. Een depressie wordt gekenmerkt door bepaalde verschijnselen die bijna elke dag voorkomen. Depressieve verschijnselen kunnen al bij baby’s zichtbaar zijn. Hoe jonger de kinderen zijn, hoe moeilijker de stoornis is te herkennen. Bij heel jonge kinderen zijn de verschijnselen onder andere overmatig huilen, vertraging van reacties, vermindering van eetlust, slaapproblemen en verlies van interesse of plezier.
Naarmate kinderen ouder worden lijken de verschijnselen meer op die zoals ze bij volwassenen voorkomen. Bij peuters en kleuters gaat het bijvoorbeeld om droevigheid, prikkelbaarheid, agressie, veel huilen, eigenwaardeproblemen, weinig of juist veel te veel eetlust en slapeloosheid.
Bij kinderen in de basisschoolleeftijd uit een depressie zich door onder andere droevigheid, huilen, woede, ongehoorzaamheid, angst en dwangsymptomen. Bij adolescenten kan het gaan om depressieve gevoelens, een bedrukte stemming, stemmingsschommelingen, suïcidaliteit, eigenwaardeproblemen en misbruik van alcohol of drugs.
Angststoornissen. Angst is een subjectief, onaangenaam gevoel dat optreedt als reactie op een echt of denkbeeldig gevaar. Het is een gezond en vaak optredend verschijnsel: ieder kind is wel eens angstig. Het is normaal dat kinderen angstig of bezorgd reageren als ze worden geconfronteerd met bedreigende situaties. Bij sommige kinderen neemt angst soms extreme vormen aan. Er is sprake van een stoornis als de angstige reactie niet past bij het gevaar van de situatie, als de angst irrationeel is en als het kind door de angst wordt beperkt in de ontwikkeling. Daarbij is er pas sprake van een stoornis als de angst langer dan 6 maanden aanhoudt.
Bij angststoornissen is er sprake van lichamelijke, gedragsmatige en cognitieve verschijnselen.
Lichamelijke verschijnselen bestaan vaak uit zweten, hartkloppingen, knikkende knieën, misselijkheid, braken en buikpijn. De bekendste gedragsmatige verschijnselen van angst bij kinderen zijn weglopen, huilen, paniekreacties en vermijden van situaties of activiteiten. Onder de cognitieve verschijnselen van angst vallen de (ramp)gedachten van het kind.
Emotieregulatiestoornissen. Emotieregulatiestoornis is de term die wordt gebruikt als een kind of jongere ernstige problemen heeft bij het omgaan met emoties.
De verschijnselen bij een emotieregulatiestoornis zijn heel verschillend, maar een gemeenschappelijk kenmerk is dat er langdurig, onaangepaste patronen zijn van voelen, denken en handelen, die zich uiten bij het aangaan van relaties, op het werk en op school.
Een emotieregulatiestoornis kan zich op heel veel manieren uiten. Bijvoorbeeld: snel wisselende stemming met een bozige, ontevreden en verwijtende ondertoon, de neiging om de eigen gedachten, overtuigingen en gedragingen af te kraken, zelfbeschadiging, onrealistische hoge eisen aan zichzelf stellen, intense schaamte, zelfhaat en op zichzelf gerichte woede, niet alleen kunnen zijn, problemen met het onderhouden van stabiele relaties en pogingen om verlies te vermijden. Er kan ook sprake zijn van hallucinaties en paranoïde ervaringen. Deze zijn van korte duur en komen vooral voor tijdens stressvolle situaties.

